Nu Brooklyn op de schaal van hipheid een paar punten gezakt is, lijkt California de fakkel over te nemen. Vorig jaar introduceerde No Age uit Los Angeles ons het geluid van de lofi basement punk en daar wordt nu gretig gevolg aan gegeven door het gruizige Wavves en het wat sterielere maar malle Nodzzz. Twee bands die hoge ogen gooien met hun recente platen maar toch tekort schieten om volledig te overtuigen. Al hebben beide bands wel ieder één song die al dagen in mijn hoofd blijft suizen. In ieder geval namen om te onthouden!
Wavves: So Bored
Nodzzz: Is She There
California Love :: Wavves & Nodzzz
The Hickey Underworld :: The Hickey Underworld
Net op het moment dat het eindeloze wachten irritante vormen begon aan te nemen, parkeert de langverwachte debuut CD van The Hickey Underworld zich in de winkelrekken. En om maar meteen alle verwachtingen in een juist perspectief te plaatsen: voor de Afrekening adepten die ‘Future Words’ wekelijks de hoogste regionen instemden zal dit album als een baksteen op hun tere maag liggen.
Zo is openingstrack ‘Zero Hour’ meteen een serieus pak voor de broek en daarmee is de toon gezet. De gehele landelijke Chiro vereniging in no time de gracht in gereden. Wat volgt is een hoogmis van brute gitaren onder hoogspanning. ‘Sick of Boys’ en het onverwoestbare ‘Mystery Bruise’ kenden we al en daar borduurt The Hicky Underworld lustig op verder met ‘Zorayda’ en het aanstekelijke ‘Blonde Fire’. Stuk voor stuk knoerten van rocksongs die elkaar naadloos opvolgen zonder ook maar een spatje energie in te boeten.
Het is pas vanaf ‘Of asteroids and men... Plus added wizardry’ dat de wind uit de zeilen gehaald wordt en we twee mindere songs op ons bord krijgen. Maar geen tijd voor tranentrekkende taferelen want met het daaropvolgende ‘Flamencorpse’ pakt het viertal uit met misschien wel de strafste song van de plaat. De beuk erin om met een heerlijke hook af te ronden.
Verschroeiend debuut van een band die met de nodige beheersing hun Rock Rally trofee weet te verzilveren.
The Hickey Underworld: Flamencorpse
The Black Box Revelation - Love, love is on my mind
The Black Box Revelation houdt niet op ons op tijd en stond eens goed door elkaar te rakken en dat met een titel als 'Love, Love is on My Mind'. Straffe mannen!
Sound snippets nieuwe Sonic Youth
Al een tijdje rond aan het zwerven op internet maar te interessant om dit links te laten liggen: een twee minuten en een half durende collage met snippets van de nieuwe Sonic Youth plaat: “The Eternal”. Te verwachten ergens deze zomer! En voor wie dit alles nog niet genoeg is, 25 april strijkt Sonic Youth neer in Luxemburg voor een exclusieve Benelux gig. (check http://www.atelier.lu)
Update
Nee, mijn nieren moesten geen drie maanden gezuiverd worden na oudejaarsavond, nee er is niemand dood, nee, mijn PC is niet gecrasht, nee ik ben mijn gehoor niet kwijt en nee ik ben geen centen verloren aan Fortis aandelen. En toch is er drie maanden geen letter toegevoegd op Oorworm. Valt er dan zo weinig te beleven in muziekland? Ook niet.
Wat ondergetekende wel de das omdoet zijn de onophoudelijk tikkende wijzers van de klok in combinatie met een milde, doch niet gevaarlijke vorm van luiheid. Tijd om het tij te keren want er staat genoeg interessant nieuws op de telex, en jawel, er zijn zowaar al zeer fijne plaatjes uitgebracht in dit negende jaar van het 2de millennium. Snel meer!
Lijstjestijd
Kerst zit erop en daarmee ook bijna gans 2008. Naarmate 31 december met kruissnelheid op ons af spurt, duiken her en der de beruchte eindejaarslijstjes op. En in tegenstelling tot alle lijstjeshaters, ben ik zelf wel fan van die top tientjes. Het is de perfecte gids om op te pikken wat er in 2008 aan mijn neus voorbij ging. In de ijdele hoop op die manier gelijkgestemde zielen te bereiken hieronder mijn muzikale 2008 in een notendop.
Beste Albums 2008
The Kills: Midnight Boom
Geen enkele slechte track te bespeuren, perfecte vertaling van hun sound naar een groter publiek zonder de rock&roll te laten varen. Dirty trash rock in een hedendaags jasje.
No Age: Nouns
Twee kids uit LA die de beste elementen uit hun hardcore/punk verleden bij elkaar scharrelen en door de lo-fi noise gehaktmolen draaien. Gedurfd. Verdient ook met voorsprong de titel ‘verrassing van het jaar’.
The Black Keys: Attack & Release
Potige bluesrock die door Dangermouse een breder geluid krijgt maar wel met de ongemeen vettige saus die de twee heren zo kenmerken. Onwaarschijnlijk dat de single 'Strange Times' hier nauwelijks airplay kreeg.
The Last Shadow Puppets: The Age Of The Understatement
Ontwapenende retro pop die verrassend de weg naar een groot publiek vond. Een plaat die vanaf het openingsnummer een brede glimlach op het gezich tovert en bij het laatste nummer smeekt om op repeat te drukken.
Blood Red Shoes: Box Of Secrets
Straffe debuutplaat met knallende poppunk van een Brits duo à la The White Stripes dat ons met een rake rechtse terugkatapulteert naar de nineties. Ongetwijfeld de plaat met de meest catchy gitaarriffs van 2008.
Ereplaatsen: Chad Van Gaalen, Tapes ‘n Tapes, Trigger Finger, Vivian Girls.
Beste Radio single:
The Hickey Underworld: Future Words
Ontgoocheling van het jaar:
The Breeders: Mountain Battles
Geen verhaal, slechte songs, geen richting en dat alles dan nog slordig live brengen ook.
Beste Concert:
Blood Red Shoes at Botanique
Rauw, complexloos en energiek alsof het 1992 was
Beste Boek:
David Browne: Goodbye 20th Century, Biography of Sonic Youth.
Heerlijk relaas dat vooral de eerste 100 pagina's de geschiedenis van Thurston Moore & Co boeiend blootlegt met het New York van de jaren 80 als achtergrond.
Enkele zeer interessante websites voor uitgebreider lijstjesgeweld zijn:
Pitchfork Media een hele sectie om 2008 te overzien.
KindaMuzik de beste platen volgens KindaMuzik en 3voor12.
Oor Top 10 albums gebaseerd op de lijstjes van 65 medewerkers.
Goddeau Mooie opsomming van de Goddeau medewerkers.
Al bij al een redelijk mager 2008 achter de rug en dus kijk ik nu al met meer dan hoge verwachtingen naar 2009, een jaar waarin we nieuw werk mogen verwachten van kleppers als Yeah Yeah Yeahs, Sonic Youth en Morrissey, de langverwachte debuutplaat van The Hickey Underworld, solowerk van Dan Auerbach en geruchten rond een nieuw White Stripes album (dat Jack White terug smerige songs moge maken na zijn gelikte hobbyuitstapjes met Raconteurs en Alicia Keys). Schol!
Goede gitaargroepen met een W!
Op de vraag “Noem enkele goede gitaargroepen die beginnen met een W?” volgt bijna altijd Wolfmother en Wolf Parade, soms aangevuld met The Wolfbanes waarbij 95% onterecht Waldorf vergeet te vermelden. Het Gentse Waldorf debuteerde in 2005 namelijk met een - voor mij nog steeds onderschat - gitaaralbum dat de perfecte balans wist te houden tussen stevige noisy rock en catchy alternatieve pop. Drie jaar later lijkt het al of de groep nooit heeft bestaan. Daar moet en zal verandering in komen want Waldorf kampeert momenteel in de studio, getuige het volgend zeer amusant filmpje:
Rock&Roll baby! In 2009 dus een nieuwe plaat van Waldorf, voorafgegaan door een single die in februari gedropt zou worden. De band belooft intussen de fans mee te laten gluren in de studio. Check hun website voor updates van het studiowerk. Alweer een reden erbij om zo snel mogelijk 2009 in te zetten. Feest!
Chad VanGaalen : Soft Airplanes
Deze week geen kletterende drums, opgeblazen versterkers of verrokken stembanden maar een intrigerende plaat die rust brengt. ‘Soft Airplane’ is een luchtig in elkaar geknutseld pareltje van de multigetalenteerde Canadees (check zijn animatieclips op YouTube!!) Chad VanGaalen. Veelal akoestisch met hier en daar een bliep, subtiel elektronisch gefrunnik, geprogrammeerde drums, een kapotte piano en een hemelse stem. Een album waarvan marsmannetjes moeten denken dat wij een knuffelend ras zijn zonder stress.
Nochtans is het na de warme opener ‘Willow Tree’ een paar nummers lang wachten voor de plaat echt indruk maakt. Het is maar met ‘Bare Feet On Wet Griptape’ dat we terug bij de les zijn. Daarna pakt Chad uit met springerige lo-fi indiepop die me doet verdwalen in zijn vreemde wereld. Vijf nummers op rij laat Chad VanGaalen me niet meer los. Zo loopt er een geweldig baslijntje voorbij in ‘Poisonous Heads’, doet ‘TMNT Mask’ voorzichtig de dansschoentjes aantrekken, is ‘Molton Beats’ onvervalst en puur ingetogen sentiment waarna nog het verslavende ‘City Of Electric Light’ volgt dat voor de rest van de week in je hoofd parkeert.
Chad VanGaalen diept het genre singer-sonwriter uit op een manier waar veel kleffe zielen (lees: de Milows van deze wereld) alleen maar van kunnen dromen en creëert met zijn eigenzinnige instrumentarium een wondermooie wereld vol lo-fi indiepop die 2008 prachtig inkleurt.
The Black Keys @ Vooruit, Gent (23/11/2008)
Gisteren in ware kamikaze stijl de ondergesneeuwde weg getrotseerd. Van het landelijke Steenokkerzeel naar het stedelijke Gent geschoven om The Black Keys aan het werk te zien. Helse daden voor hemelse muziek. Het zou een mooie titel kunnen zijn van dit artikel. Alleen kwam er van die hemelse muziek niet veel in huis. Ten eerste omdat The Black Keys het soort gortige bluesrock speelt met de vettigheid van een frietkot. Ten tweede omdat het concert over de ganse lijn toch wat onder de verwachtingen bleef.
Hoed af nochtans voor Dan Auerbach’s gitaarspel. Ruig en ongepolijst, schurend en piepend, smerig en vuil zoals echte rock klinken moet. Enkel jammer dat de gitaarversterker zo opgepompt werd dat zijn geweldige stem er gisteren niet altijd uitkwam en ook de drums van college nerd bij uitstek Patrick Carney verzopen meermaals in de geluidspap. Al was de geluidsmix op sommige momenten plots wel redelijk tot goed. Zo rommelig als ‘Strange Times’ klonk, zo strak klonk het meteen daarop volgende ‘Your Touch’. Die wisselvalligheid en het ietwat vermoeid ogende duo maakte dat The Black Keys het publiek nooit ten volle wist in te pakken. Al noteerde ik nog een heerlijke cover van Captain Beefheart’s ‘I’m so Glad’ en een uitstekend gebracht ‘I Got Mine’.
Geen supergoede beurt dus, al lagen mijn verwachtingen misschien te hoog en was vooral de rommelige sound voor mij de grote spelbreker. Gelukkig wel veilig thuis geraakt en een vers The Black Keys t-shirt bij in de kast. Ze zijn er dus in ieder geval geen fan aan verloren.
De muziekindustrie hertekend?
Optimisme alom deze week. De muziekindustrie verkondigde met grote trom een stijging in de verkoop! Halleluja! Verantwoordelijk voor al dit gejuich, gedans en gespring: de Game Industrie. De gameontwikkelaars betalen namelijk de platenmaatschappijen rijkelijk voor het gebruiken van de bij hen geregistreerde songs. Daar bovenop raken de gamers bekend met de muziek waardoor de verkoop ervan stijgt. Volgens Universal Music verkoopt een single die in een populaire game zit gemiddeld 3 keer meer. Tel daarbij de immense populariteit van games als Guitar Hero of GTA met hun spetterende soundtracks (die zelfs apart uitgegevens worden of als betalende downloads aangeboden worden) en de muziekindustrie lijkt het kalf met de gouden eieren (nog maar eens) gevonden te hebben.
Dat kalf lijkt echter snel te verdrinken. Helemaal op het einde van het artikel uit De Standaard lezen we de volgende pientere opmerking:
“Op dit ogenblik zijn het nog de gameontwikkelaars die de platenmaatschappijen betalen voor het gebruik van songs. Maar sommige gameontwerpers vragen zich al luidop af of dat in de toekomst niet omgekeerd zal moeten.”
Een stelling waar veel waarheid in schuilt. Het is geen onlogische denkpiste dat er betaald moet worden voor een dienst die de verkoop aanzwengelt. In dat opzicht staat de Game Industrie sterk en kan ze inderdaad opwerpen dat zij ervoor zorgt dat hun artiesten hiervan beter worden.
Hebben de platenmaatschappijen de Games wel even hard nodig als de Games de platenmaatschappijen? Er zijn genoeg artiesten die vanonder hun contract muizen om buiten de platenfirma om dingen te realiseren. En waarom zouden Game Ontwikkelaars niet direct met artiesten kunnen onderhandelen? Waarom zouden artiesten niet zelf willen meewerken aan soundtracks voor games? Of waarom zouden Game ontwikkelaars niet zelf buiten de muziekindustrie om aan moddervette soundtracks geraken? Denk maar aan de massa muzikanten op MySpace, LastFM of YouTube. En dus lijkt het me eerder aannemelijk dat de Game Industrie zich zo kan opstellen dat de muziekindustrie niet meer zonder hen kan dan andersom. Het zou een grondige herstructurering betekenen van het business model binnen de entertainment industrie. Want als andere spelers zoals de film- of reclame-industrie diezelfde redenering doortrekken blijft er maar weinig van de koek over voor de platenmaatschappijen.
Ik vrees dus dat de muziekindustrie alweer te vroeg (en vooral te hard) juicht. Elk alternatief lijkt gedoemd om te mislukken (zie recentelijk ook de verloren rechtszaak van Sabam tegen Scarlet. En waarschijnlijk is deze overpeinzing een worst case scenario maar nuchterheid is wel geboden, een begrip dat de muziekindustrie al jaren vreemd is.
The Pity Party
Al een tijdje gespot en recentelijk de aandacht getrokken met ‘Love Lies’: The Pity Party. Een duo uit LA dat het soort minimale en trashy DIY rock brengt zoals we dat kennen van The Kills. Ze brachten al twee demo’s uit, telkens vormgegeven door gerecycleerd materiaal gesprokkeld op de vuilnisbelt en verzorgen momenteel een minitour door de UK.
De song ‘Love Lies’, recentelijk uitgebracht op de Hotwork EP, sijpelt ondertussen langzaam door in de underground scene. Het leuke nieuws is dat The Pity Party die nieuwe EP gratis aanbiedt als digitale download door je simpelweg in te schrijven op de nieuwsbrief. Handig trucje voor de groep, leuk cadeautje voor de ontdekker en het artwork krijg je er in PDF ook al bij. Doen!
Raveonettes: Beauty Dies EP
‘Beauty Dies’ is de tweede in een reeks van vier EP’s en (voorlopig?) enkel digitaal via betaalbare download in de huiskamer te halen. De vier tracks dragen de onbetwistbare übercoole Raveonettes stempel. Het zwaar eighties geïnjecteerde ‘Young And Beautiful’ en het kale door de computer voortgestuwde maar aanstekelijke ‘Black/White’ zijn twee doorslagjes van het ‘Lust Lust Lust’ album met een tikkeltje meer pop allures.
De twee volgende nummers wijken meer af van de doorsnee Raveonettes song. In ‘The Thief’ wordt zwaar geëxperimenteerd met een soort broken jazz beat en psychedelisch gitaarwerk terwijl afsluiter en persoonlijke favoriet ‘Here Comes The End’ zowaar steunt op een klassieke drumbreak. Ook hier geen kettingzagen of op hol geslagen stofzuigers maar veeleer een toegankelijk geluid met minder scherpe kantjes. Iets wat trouwens ook al opviel op de titeltrack van hun vorige EP ‘Sometimes They Drop By’ , al blijft er altijd en overal een soort obscure David Lynch vs Quintin Tarantino vibe om de hoek schuilen.
'Beauty Dies' is een aardige zoethouder voor de fans en een voorzichtige stap naar een nieuwe (toegankelijkere?) richting. Benieuwd naar de derde EP van de reeks die rond kerst verwacht wordt.
Raveonettes: Here Comes The End